3 Overlevingsreacties: vechten, vluchten en bevriezen.


Vanuit ons reptielenbrein/oerbrein (Heb je geen idee wat ik bedoel met een reptielenbrein? Check dan dit blog dat ik eerder schreef!) wordt bepaald hoe we reageren als we ons onveilig voelen of als er gevaar dreigt. Het reptielenbrein werkt onbewust/instinctief en reflexmatig, het regelt o.a. de hartslag, temperatuur en ademhaling. Maar het is bijvoorbeeld ook verantwoordelijk voor hoe je reageert als er gevaar dreigt, de meest voorkomende opties zijn dan vechten, vluchten of bevriezen.

In eerste instantie ontstaat er angst en stress waardoor er stresshormonen aangemaakt worden. Ook reageert je lichaam al door o.a. de bloeddruk en hartslag te laten stijgen, spieren spannen zich aan, de ademhaling versnelt. Het lichaam bereidt zich voor op actie. Super handig natuurlijk, in een noodsituatie of wanneer er acuut gevaar dreigt. Maar tegenwoordig komen we (gelukkig) niet meer dagelijks in levensbedreigende situaties terecht. Er zijn geen sabeltandtijgers die op de loer liggen, of andere vijanden die onze stam bedreigen. Toch reageert ons lichaam nog steeds, en misschien wel steeds meer op een dergelijke manier. Zelfs bij kleine kinderen zit dit al helemaal ‘in hun systeem’. 

Hoe werkt dit dan bij kinderen?

Dit zien we ook terug bij kinderen die zich ‘onveilig’ voelen. Je kind denkt er niet bewust over na welke modus het kiest in een bepaalde situatie. Deze beslissing wordt, ontzettend snel, vanuit het reptielenbrein gemaakt. Welke het kind kiest wordt bepaald door aangeboren kenmerken en latere ervaringen. Bijvoorbeeld door hoe je opgevoed bent. Het is echter zo dat het brein van een kindje zich ontzettend hard ontwikkelt tijdens de zwangerschap. We weten inmiddels dat deze ontwikkeling beïnvloedt wordt door de omstandigheden van dat moment. (lees er hier meer over, blog) Ook de ervaringen van dat moment hebben dus invloed op hoe het brein ‘afgesteld’ is. 

vechtmodus

In deze modus gaat je kind de strijd aan, het gaat er vol tegenaan en tegenin. Dit kun je bijvoorbeeld terug zien in gedrag als huilen, agressie, schreeuwen, bepalend zijn, veeleisend zijn, onrespectvol zijn, niet flexibel zijn, discussiëren, schelden, uitdagen, ….

vluchtmodus

In deze modus vlucht het kind liever, het wil weg uit de situatie. Dit is bijvoorbeeld terug te zien in weglopen, verstoppen, huilen, druk bezig zijn met andere dingen, over andere dingen praten, taken ontlopen, hyperactief zijn, gek doen, een gekke stem gebruiken, …

bevriesmodus

In deze modus wil je kind zich het liefst onzichtbaar maken en hopen dat het snel over gaat. Dit kun je terug zien in gedrag zoals: niet geïnteresseerd lijken, verveeld, verward, vergeetachtig, moeite om de aandacht er bij te houden, niet luisteren, staren, stil zitten of staan, geen beslissing kunnen nemen, …

Hoe je je kind kunt helpen...

Door inzicht te hebben in hoe je kind reageert wanneer het zich onveilig of gestresst voelt kun je het helpen met deze gevoelens om te gaan. En krijg je zelf meer inzicht in hoe je kind bepaalde situaties ervaart. Ook kun je er rekening mee houden om rustmomenten in te plannen zodat je kind kan ontspannen en het lichaam kan laten herstellen na een stressvolle gebeurtenis. Super belangrijk om te zorgen dat het tot rust komt en dat de spanning zich niet opstapelt in het lichaam. Als er sprake is van (langdurige) stress dan is er weinig ruimte om te herstellen, met als gevolg dat het lichaam sneller in een vecht-vlucht- of bevries reactie zal geraken. Het kan ook helpend zijn om te zorgen voor voldoende rustmomenten, gezonde voeding, beweging en ontladingsmomenten.

In mijn blog over de drie breindelen kun je hier meer over lezen.

En vertel ik je over de invloed van het verloop van de zwangerschap en geboorte op hoe het brein afgesteld is.